Ik dank mijn leven aan de bom op Hiroshima
Ik dank mijn leven aan de bom op Hiroshima
Your playing small does not serve the
world.
There is nothing enlightened about shrinking so that others
won’t feel insecure around you.
Het kan soms vreemd lopen, maar op een bepaalde manier dank ik mijn leven aan de bom op Hiroshima en Nagasaki. Die is ontwikkeld in het zogenaamde Manhattan Project. Een van de onderzoekslocaties was het plaatsje Los Alamos in New Mexico. Los Alamos zal altijd in de herinnering blijven als de plaats waar de atoombom is geboren.
‘Jij weet nogal veel van bloedkankers, toch, Peter? Maar weet je ook waar de oorsprong ligt van het onderzoek naar beenmergtransplantaties?’ Aan het woord is Ton Hagenbeek aan mijn bed in het amc op zondag 6 juli 2008. Ik lig in het ziekenhuis wegens complicaties die zijn opgetreden tijdens de transplantatie met mijn eigen stamcellen. Een autologe stamceltransplantatie heet dat. Ton Hagenbeek steekt van wal. Dat kan hij goed. Hij heeft de gave van het woord. In ieder geval van het gesproken woord.
In 1939 wordt het onderzoek naar de atoombom in een aantal plaatsen gestart en in 1943 is het grotendeels geconcentreerd in Los Alamos. Op het hoogtepunt van het onderzoek participeren ongeveer 130.000 wetenschappers in dit project. De drijfveer is eenvoudig en dreigend genoeg: de nazi’s zouden bezig zijn met de ontwikkeling van een massavernietigingswapen en de wetenschappers aan de kant van de geallieerden hebben de opdracht om ze voor te zijn. De kans is aanwezig dat de geallieerden de bom nodig hebben in de Ardennen om de Duitsers tegen te houden. Een paar honderd kilometer van ons verwijderd!
Bij proefnemingen in 1945 in de woestijn bij Trinity, New Mexico, moeten Amerikaanse soldaten van een afstandje toekijken bij het eerste experiment. Later zijn in de woestijnen van Arizona en Nevada nog vele experimenten met atoombommen uitgevoerd. Tijdens de ontploffingen moeten ze ter bescherming op hun buik gaan liggen. Van straling weet men dan nog weinig af. Maar als die soldaten ellendig aan hun eind komen, begint men zich dingen af te vragen. De stralingseffecten zijn vernietigend voor hun lichamen. Bij sommigen door het ontstaan van kwaadaardige tumoren in diverse organen, bij velen ook omdat de bloedproductie stil kwam te liggen. Hun beenmerg is vernietigd. Maar hoe dit nu werkelijk zit, zal lange tijd een wetenschappelijk probleem blijven.
Op 6 augustus 1945 valt de eerste bom op Hiroshima, op 9 augustus de tweede op Nagasaki. In één klap zijn 250.000 mensen dood. In de jaren daarna zullen nog enkele honderdduizenden sterven aan kanker als gevolg van de straling. Er sterven ook talloze mensen door infecties. Vaak veroorzaakt door triviale bacteriën. Bacteriën die wij bij miljarden op en in ons lichaam dragen en waar we een natuurlijke weerstand tegen ontwikkeld hebben.
De Amerikanen weten dat ze over een machtig wapen beschikken, maar natuurlijk ook dat de Russen niet lang op zich zullen laten wachten en ook een dergelijk wapen aan het ontwikkelen zijn. Als er een atoombom op Amerika valt, zullen er jarenlang mensen sterven aan die onverklaarbare infecties, wat voorkomen moet worden. Hoe kan de eigen bevolking, de militairen voorop, hiertegen beschermd worden?
Al snel wordt geconstateerd dat de oorzaak de straling is, die vrijkomt bij de explosie. Deze straling legt de bloedproductie in het beenmerg stil. De aanmaak van rode en witte bloedcellen, alsmede bloedplaatjes, komt tot stilstand. Dat betekent de onherroepelijke dood van de getroffenen.
De kennis over beenmerg is in die jaren nog beperkt. Welk effect straling op beenmerg heeft, is onbekend. Kennis over afweer en afweercellen ontbreekt. Daarom is het onbegrijpelijk waaraan die mensen sterven. Voor het onderzoek naar de werking van de straling en voor de maatregelen ertegen, worden enorme onderzoeksbudgetten vrijgespeeld.
De onderzoeksbudgetten worden beschikbaar gesteld door het ministerie van Defensie van onder andere de Verenigde Staten en van Nederland. In de Verenigde Staten wordt het onderzoek uitgevoerd onder leiding van de latere Nobelprijswinnaar professor Don Thomas. In Nederland gaat het defensiebudget naar tno-onderzoeker professor dr. Dick van Bekkum. Van Bekkum is radiobioloog en de oprichter van het Radiobiologisch Instituut van tno in Rijswijk. Hij stort zich op onderzoek naar het effect van straling op de bloedproductie van de mens. Hij mist de Nobelprijs op een haar.
Het onderzoek van Van Bekkum en Thomas heeft een schat aan informatie opgeleverd. Informatie waardoor veel ontwikkelingen op het gebied van de hematologie in gang zijn gezet. Zo toonden zij aan dat er in het beenmerg een zeldzame cel verantwoordelijk is voor de aanmaak van alle typen bloedcellen: de stamcel. Deze stamcel is zeer stralingsgevoelig, waarmee het gebrek aan bloedcelproductie bij stralingsslachtoffers van de atoombomaanvallen verklaard werd.
Begin jaren 70 is naar voren gekomen dat je bloedkankers zoals leukemie, lymfomen en de ziekte van Kahler, kunt bestrijden met hoge doses chemotherapie, al of niet in combinatie met hoge dosis totale lichaamsbestraling. Het effect is dat je hiermee de bom op Hiroshima naspeelt, maar dan in het lichaam van de patiënt: er worden hoge doses straling (en cytostatica) losgelaten op ongewenste bloedstamcellen (kankercellen), waarmee de ziekte wordt overwonnen. Wel dien je ervoor te zorgen dat de patiënt niet overlijdt aan de behandeling. En hoe doe je dat?
Beenmergtransplantatie. Dit betekent dat je het beenmerg van de patiënt vervangt door het eigen, eerder afgetapte, ‘schone’ beenmerg of, beter nog, je geeft de patiënt het beenmerg van een gezonde donor. Voorafgaand aan de transplantatie wordt de tumor opgeruimd met chemotherapie, of een stralingsbombardement dat zich laat vergelijken met de bom op Hiroshima. In het lichaam van de bewoners van Hiroshima stroomden immers ook geen bloedcellen meer. Dat geldt ook voor de patiënt die een beenmergtransplantatie tegemoet gaat. Na die transplantatie produceert het nieuwe beenmerg de nieuwe bloedcellen. Zo eenvoudig is het. Hoewel, eenvoudig? Nee, het is uiterst complex, het is werken op DNA-niveau, vereist veel expertise en gaat in sommige gevallen toch nog fout. Bij donortransplantaties overlijdt 15 tot 20% van de patiënten aan de behandeling. Het goede nieuws is dat 60 tot 70% van de behandelde patiënten geneest van de ziekte.
In 1980 hebben professor dr. Bob Löwenberg en professor dr. Ton Hagenbeek in de Daniel den Hoed Kliniek in Rotterdam de eerste “eigen” beenmergtransplantatie bij een patient met leukemie uitgevoerd. En die slaagde! Tegenwoordig worden er honderden transplantaties per jaar uitgevoerd in Nederland, maar zij zijn de pioniers. Daarom werkte Ton Hagenbeeks verhaal over de bom op Hiroshima zo geruststellend op me.
Hij voegde er nog aan toe dat de kennis van beenmerg, afweer, witte bloedcellen, transplantaties, afstoting en wat er allemaal komt kijken bij een beenmergtransplantatie, natuurlijk op enig moment ook zonder Hiroshima wel zou zijn gegenereerd, maar door Hiroshima is het versneld en werden er enorme onderzoeksbudgetten beschikbaar gesteld. Simpelweg door het feit dat er een grote dreiging was. De Amerikanen dachten: ‘Wij hebben die bom nu wel, maar de Russen hebben hem over een paar jaar ook en werpen die massavernietiger op ons.’ Daarom is er geld beschikbaar gesteld en daarom heeft het onderzoek naar beenmergtransplantaties zo’n hoge vlucht genomen.
Het verhaal heeft me aan het denken gezet. Er moet nog zoveel onderzoek worden gedaan voordat kanker geen levensbedreigende ziekte meer is. Zou het mogelijk zijn om weer zo’n versnelling te bewerkstelligen in wetenschappelijk onderzoek? Dan hebben we net zo’n sterke dreiging nodig als de nazi’s of de Japanners destijds vormden. Bestaat die? Ik denk het wel. Van een andere orde, maar intenser en bedreigender. Laat me eens wat kille cijfers noemen.
Over de hele wereld sterven 8 miljoen mensen per jaar aan kanker. Dat zijn er 150.000 per week en 22.000 per dag.
Laten we de cijfers van de landen van de Founding Fathers van de beenmergtransplantatie er eens bij nemen om het wat dichter bij ons bed te brengen. In de Verenigde Staten sterven jaarlijks 550.000 mensen aan kanker. Dat zijn er 10.000 per week en 1500 per dag. In ons eigen land sterven 40.000 mensen per jaar aan kanker. Dat zijn er 800 per week en 115 per dag.
Dat is wel een bedreiging. Kanker is overal en altijd. Het treft in de wereld meer mensen dan welke andere ziekte dan ook en dat worden er alleen maar meer. Daar moet iets aan gedaan worden. En daar moet meer aan worden gedaan dan nu gebeurt. Of in ieder geval op een andere manier. Ik spreek veel wetenschappers en hoor dan merkwaardig genoeg dat er in 2015 geen 80.000 nieuwe patiënten per jaar in Nederland zullen zijn, maar 100.000. Alsof het de werkgelegenheidscijfers zijn en het bijna teleurstellend zou zijn als ze niet gehaald worden. Als wetenschapper hoor je de doelstelling op nul doden per jaar te zetten. Hooguit accepteer je een dode door kanker als de patiënt een hoge leeftijd heeft bereikt. Maar met iets anders neem je geen genoegen. Iedere dode door kanker, überhaupt iedere dode door ziekte, is een uitdaging om te voorkomen dat de volgende patiënt overlijdt. Artsen en vooral onderzoekers moeten al hun talenten inzetten om te voorkomen dat het aantal doden door kanker stijgt. Sterker nog, het moet dalen!
‘We moeten wel realistisch blijven, Peter. Uit ervaring weten we dat het aantal nieuwe patiënten per jaar op zal lopen naar 100.000.’ Als het realistisch is dat we op dat krankzinnige aantal uit gaan komen, wil ik niet realistisch zijn. Dat is een veel betere optie. Het is toch veel mooier om als wetenschapper aan iets te werken dat onmogelijk lijkt, maar voortkomt uit je droom en dat je deze droom dan bovendien mede helpt te verwezenlijken? Dat geeft veel meer voldoening dan werken aan iets waarvan je van tevoren al weet dat het haalbaar is. Wetenschap moet haar ambitie hoog stellen. Daar begint het mee.
‘If at first an idea is not absurd, there’s no hope for it.’ De woorden van Einstein. Je kunt moeilijk zeggen dat hij een sukkel was in wetenschappelijk opzicht. Maar hij zag al wat mogelijk was voordat het bewezen was. Dat bewijs kwam later dan wel voort uit noeste arbeid. ‘Imagination is more Important than Knowledge.’ Dat is eveneens een uitspraak van Einstein. Kijk, het begint met het idee en dat zien briljante wetenschappers als Einstein. Maar waarom zou deze genialiteit niet in wetenschappers zitten die op dit moment actief zijn met kankeronderzoek? Waarom vragen we ze niet om datgene te laten zien waar ze briljant in zijn: onderzoek en resultaten. Je moet je voorhouden dat het helemaal geen verdienste is om bescheiden te zijn. Daar schiet niemand iets mee op. In Nederland zijn er al wetenschappers die zien hoe het moet en het vervolgens in de praktijk bewijzen. De introductie van het revolutionaire medicijn Cisplatine in Nederland, door professor Pinedo, vond plaats zonder het vereiste bewijs dat het goed werkte. Maar Pinedo wist dat het zou werken en heeft dat zijn patiënten verteld. Vervolgens hadden mensen baat bij dit idee en dit medicijn. Wanneer Pinedo het definitieve bewijs had afgewacht, waren ze allemaal gestorven.
In Nederland zijn 1000 briljante geleerden. In de Verenigde Staten zijn er 10.000. En over de hele wereld zijn er 100.000 mensen met kennis van kanker, ervaring met behandelingen en een gave op het gebied van onderzoek. Deze mensen gaan we bij elkaar brengen en een nieuwe atoombom laten ontwikkelen. Een atoombom die de kanker gaat vernietigen. Een atoombom met een kracht die sterker is dan de kracht van het nucleaire arsenaal dat op dit moment beschikbaar is in de wereld en dat zijn oorsprong vond in Los Alamos.
We gaan naar Los Alamos om al deze mensen met hun drive bij elkaar te brengen en de naam van Los Alamos weer in het nieuws te brengen met een volgende vernietiging. Verwoestend. Honderdduizenden, miljoenen, 8 miljoen per jaar, gaan erdoor getroffen worden en gaan kennis maken met de kracht van de bundeling van kennis, ervaring, genialiteit, emotie, liefde, energie, passie en doorzettingsvermogen, gevoed door iets irreëels en onmogelijks. Door iets wat voortkomt uit een droom: ‘Kanker in 10 jaar van een dodelijke naar een chronische ziekte helpen.’ De droom van professor Pinedo en de vurige hoop van miljoenen kankerpatiënten.
Los Alamos for the Victory over Cancer zal de wereld veranderen. Dit keer niet alleen in Nederland en de Verenigde Staten. Kanker wordt een chronische ziekte. Net als aids. Maar wij behandelen niet alleen mensen in de Verenigde Staten en Nederland. Of de westerse wereld. Wij stoppen niet bij de grens van Afrika en Azië met de woorden dat het voor deze mensen financieel niet weggelegd is om genezen te worden van kanker, of om de ziekte langdurig onder de duim te houden. Wij laten kanker niet liggen zoals aids is blijven liggen: als een financieel probleem!
‘Wat gaan jullie doen voor de kinderen met kanker in India, Coen en Peter? In India sterven kinderen aan kanker, terwijl een behandeling daar 16 euro kost.’ Deze vraag kregen we van mijnheer Sudeep Kunnumal, een van de directeuren van Tata, het Indiase bedrijf dat vestigingen over de hele wereld heeft. We gaven daar een presentatie voor fondsenwerving en hebben gezegd wat we op dat moment deden: ‘Niets! Maar mogen we terugkomen als we daar het antwoord op hebben, mijnheer Kunnumal?’ ‘Wanneer jullie de oplossing hebben, regel ik een afspraak met de grote baas Ratan Tata.’ Het antwoord is Los Alamos for the Victory over Cancer. En Los Alamos is gebouwd op drie pijlers.
Er komt een wereldwijd evenement dat mensen activeert voor de overwinning. We gaan het koppelen aan de Olympische Spelen of organiseren zelf een evenement. Dan regelen we geld, heel veel geld. Dat vragen we aan de banken. De banken kunnen een charmeoffensief wel gebruiken. Wij bieden ze dat. Niet uit wraak, omdat ze met hun hebzucht de wereld in een crisis hebben gestort, nee, omdat er bij banken ook mensen werken die gevraagd wordt het beste uit zichzelf te halen en te tonen. Doe waar je goed in bent en regel de miljarden die nodig zijn voor het onderzoek en de behandeling van iedereen die kanker krijgt. Overal en altijd. En we zetten een geweldig wetenschappelijk onderzoek op. Met de allerbeste wetenschappers ter wereld. En ook aan hen vragen we om briljant te zijn. Met de flow van het evenement, de stroom geld van de banken en de inzet van de wetenschap, is kanker in 10 jaar chronisch en zijn al die mensen die tot dan toe aan kanker zijn gestorven, niet voor niets gestorven. Zij zijn de motivatie die Los Alamos zijn tweede vernietigende kracht geeft. Ditmaal om er iets moois mee te doen. Het redden van 8 miljoen levens per jaar.
Zo heeft de bom op Hiroshima niet alleen mijn leven gered, maar 8 miljoen per jaar…
Peter Kapitein
Opgeven is Geen Optie!
nb: De regels die geciteerd worden, komen uit het gedicht ‘Our Deepest Fear’ van Marianne Williamson.


