KWF Kanker Bestrijding
Sponsor Alpe d'HuZes


KankerVerziektJeTaal

Mentale strijd

Ik ben nog geen kwartier aanwezig op het te drukke feestje van een vage kennis of er komt iemand naar me toe en slaat me op m’n schouder. Zijn joviale “Dus jij gaat de Alpe d’Huez opfietsen voor een goed doel?” stoort me, omdat ik aan alles merk dat hij niet echt geïnteresseerd is in mijn antwoord. Voordat ik kan bedenken of ik nu vol passie zal gaan vertellen over mijn Alpe d’HuZes of dat ik dat verhaal beter kan bewaren voor iemand die wél echt wil weten waarom ik ga fietsen wordt de volgende vraag al gesteld. “Waarom fiets jij eigenlijk maar 1 keer omhoog, waarom fiets jij niet net als al die anderen 6 keer die berg omhoog?” Triomfantelijk kijkt hij me aan. En ik? Ik glimlach, maar binnenin me woedt een storm. Ik sta hier tegenover iemand die de Alpe d’Huez zeer waarschijnlijk nog nooit in het echt gezien heeft, laat staan dat ‘ie hem met de fiets beklommen heeft.

 

Vorig jaar begon ik onbevangen aan mijn Alpe d’HuZus-avontuur. Twee bergen had ik in de Dolomieten beklommen, de Alpe zou mijn derde berg worden. Ik was best goed voorbereid, dacht ik. Tot bocht 5 ging het ook prima en was het genieten geblazen, daarna gingen emoties en gedachten met me aan de haal en juist dat laatste ellendige stuk heeft zich zodanig in mijn systeem genesteld dat ik steeds meer ga opzien tegen die berg. Ieder heuveltje dat ik nu tijdens mijn fietstraining tegenkom en waarvan het stijgingspercentage maar een heel klein beetje overeenkomt met de Alpe verandert binnen een paar meter in de Alpe d’Huez. M’n benen voelen weer zoals toen, m’n ademhaling verandert, ik word misselijk en ik kom amper meer vooruit.

 

Mijn gevecht met die berg is tijdens de voorbereiding allang begonnen. Zonder hem op te fietsen, gewoon in mijn hoofd. En daar baal ik van, want ik geef mezelf op deze manier geen eerlijke kans om straks op 3 juni toch weer onbevangen beneden bij de start te staan. Dat ik toen die berg niet helemaal zelf op kwam, maar dankbaar gebruik maakte van al die duwende handen in de laatste 5 bochten, wil toch niet zeggen dat ik hem dit jaar op dezelfde manier op ga fietsen?

 

Die berg is niet veranderd, ik wel. En met datgene wat ik dit jaar geleerd heb zou ik toch moeten weten dat die laatste 5 bochten maar 5 bochten zijn en dat die in 2009 waarschijnlijk anders aanvoelen dan in 2008. Herhaaldelijk draai ik de Alpe d’HuZus-film in mijn hoofd af en zie ik mezelf in de eerste 5 bochten, die gingen toch heel goed. Ik kan de vele aanmoedigingen nóg horen! En wat dacht je van het gevoel toen ik boven kwam?!!! Al die mensen die daar in de kou boven op die rotberg toch op mij hadden gewacht…

De omhelzingen, de zoenen, de felicitaties. Die zal ik nooit vergeten.

Mijn focus zal daar op moeten liggen, ik weet ‘t.

In mijn hoofd weet ik ‘t, maar als ik heuveltjes op fiets dan werkt mijn hoofd zo tegen me.

 

In de luttele seconden dat ik mijn antwoord probeer te formuleren heeft hij zijn hoofd al weggedraaid van me, niet wetend wat hij bij me heeft losgemaakt. Voordat hij doorloopt wenst hij me nog wel succes.

Ik heb het nu al nodig, want mijn strijd met die berg is allang begonnen.

 

Esther