search

Nieuwe ontwikkeling - Vitiligo: ieder nadeel heeft zijn voordeel

Nog
dagen,
uur,
minuten en
seconden
10021548
Gedoneerd

•• Nieuwe ontwikkeling ••

“Vitiligopatiënten hebben minder vaak melanoom of een andere vorm van huidkanker”


Dossier:
Naam: prof. dr. R.M. (Rosalie) Luiten
Instituut: AMC Amsterdam
Vakgebied: Experimentele dermatologie
Start onderzoek: 1 oktober 2016
Looptijd: 2 jaar
Financiering Alpe d’HuZes/KWF: € 150.792,-
 

Immuuntherapie is gebaseerd op het idee dat onze eigen afweercellen in staat zijn kankercellen te bestrijden. Er zijn voor steeds meer kankersoorten verschillende vormen van immuuntherapie beschikbaar. Zoals de zogeheten ‘immuun checkpoint inhibitors’. Deze medicijnen helpen de afweer om kankercellen als lichaamsvreemd te herkennen, waardoor een betere afweerreactie op gang komt. “Maar,” zegt dr. Rosalie Luiten, hoogleraar Experimentele Dermatologie aan het AMC, “ze hebben één nadeel: ze werken niet bij iedereen. 4 op de 5 patiënten heeft bijwerkingen van de immuun checkpoint inhibitor ipilimumab, maar heeft er geen voordeel van. Je wilt dus van tevoren weten welke groep patiënten je hiermee moet gaan behandelen.”

“Het zit hem dus vooral in meer patiënten laten profiteren van de mooie nieuwe middelen die er zijn.”

Het onderzoeksteam van dr. Luiten houdt zich veel bezig met de behandeling van huidkanker. In dit Unieke Kansen Project, gefinancierd uit het Alpe d’HuZes/KWF-fonds, onderzoekt Luiten de relatie tussen vitiligo en melanomen. Vitiligo is een huidaandoening, waarbij de huid en het haar pigment verliezen. De oorzaak is dat afweercellen de pigmentcellen aanvallen, waardoor deze verdwijnen. Een melanoom is een tumor van deze zelfde pigmentcellen. Het onderzoeksteam ontdekte dat vitiligo gunstig kan zijn bij een melanoom: melanoompatiënten die immuuntherapie krijgen en vitiligo als een soort bijwerking hebben, hebben betere vooruitzichten dan patiënten die geen vitiligo krijgen. “Bovendien hebben vitiligopatiënten drie keer minder vaak melanoom of een ander vorm van huidkanker.” legt Luiten uit. “Ze lopen dus minder risico.”

Voorselectie
Luiten concludeert dat patiënten met een erfelijk verhoogde kans op vitiligo wellicht beter reageren op immuun checkpoint inhibitors. Dat maakt vitiligo tot een interessante ‘biomarker’, een voorspellende factor die informatie geeft over de kans dat deze vorm van immuuntherapie succesvol is bij de patiënt. Als biomarker wil Luiten niet alleen naar de symptomen van vitiligo kijken, maar vooral naar de genetische kant. “Je kunt een erfelijke aanleg hebben, dat is een oorzaak, maar je moet ook een aanleiding hebben. Je moet een soort trigger hebben waardoor je het krijgt. Dus heel veel mensen die die erfelijke aanleg hebben, zullen vitiligo misschien óf niet gekregen hebben óf pas op een later moment.” Kort gezegd: immuuntherapie kan de trigger zijn waardoor patiënten met een erfelijke aanleg vitiligo krijgen. “Daarom kijken we naar de genetische kant, omdat je denkt dat het heel informatief zou kunnen zijn om patiënten te kunnen selecteren”, legt Luiten uit.

“Wat ik eigenlijk hoop is dat de kennis die we opdoen op melanoomgebied ook relevant is voor andere vormen van kanker.”

In samenwerking met een onderzoeksgroep in Amerika zijn alle vitiligogenen in kaart gebracht, die mogelijk als biomarker gebruikt kunnen worden. In dit project onderzoekt Luiten het DNA van patiënten die immuun checkpoint inhibitors krijgen. Daarin bepaalt ze de genetische aanleg voor vitiligo. De patiënten worden vervolgens in 2 groepen verdeeld: patiënten die wel op de inhibitors reageren (te zien aan o.a. het kleiner worden van de tumor) en patiënten bij wie het middel niet aanslaat. Na deze tweedeling in groepen kijken de onderzoekers naar een mogelijk verband tussen de vitiligogenen en het succes van de behandeling. Als blijkt dat een of meerdere vitiligogenen een positieve invloed hebben op de uitkomst van de behandeling, kunnen ze als voorspellende biomarker in de kliniek gebruikt worden. Daarmee kunnen onderzoekers per patiënt bekijken of immuuntherapie met immuun checkpoint inhibitors voor hen de optimale therapie is. De patiënten die er niet op zullen reageren kun je dan een andere behandeling aanbieden. “Dat zijn de afwegingen. Het zit hem dus vooral in meer patiënten laten profiteren van de mooie nieuwe middelen die er zijn”, aldus Luiten.

De patiënt voorop
En dat doet Luiten het liefst: een brug slaan tussen het lab en de kliniek. “We zijn echt bezig om die vertaalslag te maken van wat we in het lab allemaal uitvinden, om te proberen dat zoveel mogelijk ten goede te laten komen aan de patiënt.” Luiten hoopt bovendien dat het onderzoek niet alleen melanoompatiënten helpt. “Wat ik eigenlijk hoop is dat de kennis die we opdoen op melanoomgebied ook relevant is voor andere vormen van kanker.”

 

Laatste nieuws

In memoriam: Frank Böseler

11-07-2017

Vrijdag 7 juli 2017 is Frank Böseler op 52-jarige leeftijd overleden aan de gevolgen van kanker.

Lees verder

Speciaal Alpe d’HuZes-team voor terminale of overleden deelnemers

01-07-2017

Alpe d’HuZes heeft een nieuw en bijzonder team opgericht: Team 21 bochten. Een team met louter deelnemers die terminaal of overleden zijn, maar zich (postuum) willen blijven inzetten voor Alpe d’HuZes. Dat klinkt redelijk onmogelijk. Maar juist zij maken het onmogelijke mogelijk.

Lees verder

1 oktober: jong en oud maken vuist tegen kanker

30-06-2017

Zondag 1 oktober wordt een dag waar jong en oud letterlijk en figuurlijk een vuist maken tegen de ziekte kanker. Op deze dag maakt Alpe d’HuZes het eindbedrag van 2017 bekend en overhandigt dit bedrag aan KWF Kankerbestrijding. Tegelijkertijd vindt de tweede editie van Alpe d’HuKids in Kerkrade plaats: kinderen voeren actie om te zorgen dat straks niemand meer doodgaat aan kanker.

Lees verder

Onze sponsors